Heel vaak zie je dergelijke memoirs niet voorbijkomen, maar ik kan er nu zelfs twee in één blogje samenvoegen. En niet van de minste auteurs. Afgelopen zomer las ik Rouwjournaal van Jan Siebelink (1938) , en afgelopen week Alles voor de reis van Adriaan van Dis (1946). Beiden mannen op leeftijd, die ieder een partner verloren waarmee ze al lang samen waren. Siebelink en Van Dis zullen ieder ook zo’n beetje dezelfde intentie hebben gehad toen ze zich aan het schrijven zetten. Maar de relatie tot hun partners verschilde als hemel en aarde. En juist dat onderscheid, én de erbij passende vorm die ze kozen voor hun verhaal, maakt het lezen van beide memoirs interessant.
Zoals ik al zei, schrijven over een gestorven geliefde is niet eenvoudig. Jan Siebelink was het dan ook niet van plan toen zijn geliefde Gerda in de zomer van 2024 na een kort ziekbed overleed. Ze waren allebei midden tachtig, en een mensenleven lang bij elkaar geweest. Ze kwakkelden dat laatste jaar allebei, hij met een glaucoom, zij met hartklachten. Kort na een succesvol verlopen operatie daaraan diende de dodelijke ziekte zich bij haar aan. Binnen enkele weken was ze weg. In een ziekenhuisbed in de woonkamer, met zicht op haar tuin, haar geliefde vleugel en de familiefoto´s leefde ze toe naar het einde. Dapper, je krijgt de indruk dat haar man meer onthutst was door wat er gebeurde dan zij.Siebelink was na haar overlijden flink van de kaart. Wist die eerste tijd niet goed wat te doen met zichzelf. Zijn vriend Frans Thomése – ja, diezelfde - raadde hem aan toch maar eens iets op te schrijven. Al was het ook maar om ergens mee bezig te zijn, iets te doen met zijn gevoel van verlies. Gaandeweg kwam daar voor Siebelink nog iets bij: iets van haar leven bewaren. Geen monumentje, maar herinneringen, een geschreven memoir.
Het kreeg de titel Rouwjournaal, maar het is geen van dag tot dag reportage. Siebelink kiest per korte notitie wat het onderwerp zal zijn, schijnbaar zonder vooropgezet plan verspringend in de tijd. Het gaat vooral over Gerda en wie zij was, wat zij voor hem betekende, maar ook over hun huwelijk. Siebelink lijkt niets te bedekken, allerlei intimiteiten benoemt hij. In de context van dit journaal hebben ze een betekenis. De lichamelijke aftakeling van Gerda wordt niet verhuld, evenmin als de angstaanvallen van de schrijver wanneer hij na haar dood alleen in zijn grote, vrijstaande huis in Velp achterblijft en midden in de nacht voortdurend insluipers denkt te horen. Of wanneer hij, denkend aan de toekomst die hem misschien nog rest, een lang bewaard pistool uit een lade vist. Om dat enkele bladzijden verder toch maar in de rivier te gooien.
Schrijven over de dood van een geliefde is niet gemakkelijk. Siebelink lukt het. Maar wat doet Van Dis?
Van Dis was niet getrouwd met zijn geliefde, maar ze waren wel 38 jaar bij elkaar. Zij was Ellen Jens (1940-2023), regisseur en producer van tv-programma’s als Jiskefet en het befaamde boekenprogramma Hier is … Adriaan van Dis, alsmede al zijn andere programma’s. Ze trouwden nooit omdat Jens al vóór Van Dis een relatie had met een andere man, met wie zij in de jaren tachtig zou trouwen. Een bekende kunstenaar. Van Dis noemt hem hier ‘de Ander’. Zoals hij hier Jens ook niet bij naam noemt, hij doopt haar Eefje.De situatie werkte, voornamelijk omdat Van Dis en de Ander de wens van ‘Eefje’ accepteerden. De mannen hadden ieder een eigen huis, Eefje een houten tuinhuis achter de duinen. Ze verdeelde haar tijd over haar mannen. Al de jaren dat Van Dis in Parijs woonde, bijvoorbeeld, kwam ze iedere maand een week logeren. Ook gingen ze samen op vakantie, en dan waren er natuurlijk nog de reisprogramma’s die ze voor de televisie maakten. Heel ideaal vond van Dis de regeling niet, maar hij kon er vrij gemakkelijk mee leven. Genoot gewoon van hun tijd samen.
Toen bij Eefje een ongeneeslijke ziekte werd vastgesteld, besloot zij haar laatste weken in een hospice door te brengen. Dat maakte het eenvoudiger haar beide mannen – apart – te ontvangen. Van Dis mocht blijven slapen, in een aanklikbed.
Het verblijf in het hospice voelde gedurende de eerste weken gek genoeg een beetje als een feestje. Van Dis sleepte haar lievelingsboeken naar binnen en las verhalen en gedichten voor. Hun gezamenlijke vakanties liet hij haar nog eens beleven, evenals allerlei andere mooie momenten. En ze praatten en praatten, dronken de wijn die Van Dis naar binnen smokkelde - streng verboden – uit van huis meegenomen theekopjes waarmee hij dacht de verpleging om de tuin te leiden. Ze vierden ten afscheid hun leven samen. Tot het niet meer ging.
Twee keer dezelfde gebeurtenis, twee keer hetzelfde verhaal, maar dan volstrekt verschillend uitgewerkt. In die uitwerking zie je de karakters van beide schrijvers weerspiegelt. En wat mij opvalt: beide boeken genereerden veel aandacht van de media. Lezen wij dit graag? En waarom?
Siebelinks Rouwjournaal leest iets intiemer, het relaas van Van Dis heeft iets uitbundigs. Maar dat laatste kan versterkt zijn doordat ik het luisterde, door hemzelf voorgelezen. Zijn stem is zo’n onlosmakelijk onderdeel van zijn persoonlijkheid, dat ik zijn boeken vrijwel altijd luister. Ook hij lijkt, net als Siebelink, niets te bedekken. Alles in de relatie tussen hem en Eefje kan aan de orde komen. Zelfs zijn seksuele geaardheid. Zelf dacht hij toch wel bi te zijn, maar Eefje wist zeker dat hij honderd procent hetero was.
Tot het laatst toe hield zij, de regisseur, de controle over haar leven. Stemde met de uitvaartonderneming af dat haar mannen tijdens de uitvaartdienst ver van elkaar geplaatst werden. En dat geen van beide mocht spreken. In de Volkskrant vertelde Van Dis dat zij hem kort voor haar dood een koffertje liet bezorgen met daarin haar agenda’s en dagboekjes. Als een uitnodiging om dit boekje te schrijven? Van Dis heeft er even in gekeken, maar het niet gebruikt. Hij gaf de voorkeur aan hun gezamenlijke herinneringen.
Jan Siebelink / Rouwjournaal / 192 blz / De Bezige Bij, 2025
Adriaan van Dis / Alles voor de reis / 208 blz / Atlas Contact, 2026 // Luisterboek, voorgelezen door de auteur / 3 uur en 37 minuten / Atlas Contact, via Storytel


