dinsdag 20 januari 2026

Waterdrinker's columns

Het gaat onder de naam ´Exilliteratuur´, of Duitse Emigrantenliteratuur, de productie van uit Duitsland gevluchte auteurs ten tijde van het Derde Rijk. Grote namen bevinden zich daaronder, zoals Alfred Döblin, de familie Mann, Stefan Zweig, Bertold Brecht en ga zo nog maar even door. Maar emigrantenliteratuur is van alle tijden, want onderdrukking en oorlog zijn van alle tijden. Ook de voor Vladimir Poetin gevluchte kunstenaars passen al lang niet meer op een A4’tje. Pieter Waterdrinker en zijn echtgenote Julia behoren ook tot die categorie, al is Waterdrinker van origine een Nederlander die langdurig in Rusland woonde en werkte voordat de omstandigheden hem noopten Rusland te verlaten. Sindsdien wonen zij in  Cordes-sur-Ciel in het zuiden van Frankrijk. Ontheemd, maar dat op een lieflijke en vooral veilige plek. 

Over hun leven in Frankrijk én de rest van Europa schreef Waterdrinker de afgelopen jaren columns voor Elseviers Weekblad Magazine, die onlangs werden gebundeld in Baden-Baden. En andere bespiegelingen over Rusland en een wankel Europa. Het zijn bijdragen waarin de politieke situatie steeds maar weer voorbijkomt, maar die tegelijk heel persoonlijk kunnen zijn. Bijdragen ook die beogen de lezers van EW Magazine wat meer inzicht te geven in de complexe situatie. Waterdrinker kijkt niet zozeer met de ogen van de journalist of politieke duider van Nieuwsuur, maar met de ogen van iemand van binnenuit, iemand die er lang heeft gewoond, er nog steeds veel vrienden heeft die hij regelmatig spreekt.

Als gewezen journalist beheerst Waterdrinker de kunst om binnen een format te schrijven. Maar ook om iets heel beknopt te karakteriseren. Een van de eerste columns speelt tijdens een rondrit door Duitsland, wanneer ze een stop maken in Bayreuth. Waterdrinker introduceert dan zijn Julia: ‘Mijn vrouw is een geboren Russin met een Nederlands paspoort en Joodse wortels, daarbij een fervent fanaat van de Duitse componist Richard Wagner. Een ergere combinatie kan tegenwoordig niet – althans, in sommige kringen. Zelf houdt ik meer van ‘neuriebare’ klassieke muziek (het woord is van wijlen Karel van het Reve) dan van het akoestische geraas van Wagner, hoe overweldigend en imposant ook.’ Julia gaat naar binnen voor de Parsifal, waarna Waterdrinker nog even een blik werpt in de witte partytenten (avondtoiletten, smoking, klatergoud) en het parkeerterrein (BMW’s, Mercedessen, Porsches, ‘hier heerst beschaving’) alvorens naar hun hotel in het volgende dorpje te rijden en daar ’s avonds een pizza te nuttigen. 

Pieter Waterdrinker / Baden-Baden. En andere bespiegelingen over Rusland en een wankel Europa / 188 blz / Nijgh & Van Ditmar, 2025