zondag 23 augustus 2026

Boeken als pleisters

Het conflict in het Midden-Oosten duurt al even. Als je erbij stilstaat, waarschijnlijk al veel langer dan je dacht. De Marokkaans-Franse schrijver Rachid Benzine laat zijn roman De boekhandelaar van Gaza beginnen in 1947, bij een aanval op Palestijnse nederzettingen in de buurt van Haifa door een tak van de Hagana, een Joodse paramilitaire organisatie die werd opgericht om de jonge staat Israël te beschermen. Bij die aanval worden duizenden Palestijnse familie verjaagd, terwijl hun schamele huisjes met tanks en bulldozers worden platgewalst. Dat klinkt heel bekend, niet? Terwijl dit toch, op een jaar na, tachtig jaar geleden is. 

Die lengte, het haast onvoorstelbare gegeven dat mensen hun halve of zelfs hun hele leven doorbrengen in wat je toch wel een ‘oorlogssituatie’ kan noemen, is een van de twee rode draden die Rachid Benzine (1971) in zijn roman hanteert. Hij heeft daarvoor een mooie vorm gevonden. Hij laat, nog vóór de verrassingsaanval van Hamas in oktober 2023, een Franse fotograaf afreizen naar Gaza om voor zijn opdrachtgever pakkende beelden te schieten van de ellende onder de inwoners van het gebied. Tijdens een eerste wandelingetje stuit deze Julien in de binnenstad, in een nog nauwelijks gebombardeerd stadsdeel, op een boekwinkeltje. Op de stoep ervoor zit, in kleermakerszit, de boekhandelaar. Verdiept in een boek. Wanneer hij dit sfeerbeeld wil vastleggen, spreekt de oude man hem aan en vraagt hem of hij niet, alvorens de foto te nemen, zijn verhaal wil aanhoren. Een foto mét een verhaal zal toch interessanter zijn dan een zonder. 

En dat is het beslist, zeker in het geval van de boekhandelaar, Nabil el-Jaber. Tijdens enkele achtervolgende middagen vertelt deze aan Julien zijn levensgeschiedenis. Die begint daadwerkelijk bij de al genoemde aanval door de Israëlische paratroepen eind 1947. Om precies te zijn heel kort voor de geboorte van Nabil. Tijdens die aanval schoten de paratroepen in het wilde weg, waardoor ook Nabils hoogzwangere moeder werd getroffen, in haar rug. Hun huis werd in brand gestoken. Op de vlucht, waarbij ze alleen hun kar en ezel mochten meenemen, en wat persoonlijke spullen, was het zaak te voorkomen dat de weeën vroegtijdig zouden beginnen. Dat lukte, Nabil werd veilig geboren. Maar die eerste vlucht, naar Nazareth, en dat wisten ze toen nog niet, zou er een zijn van een hele reeks. Vluchtelingenkampen over heel Israël, en ook in de Jordaanvallei, en uiteindelijk Gaza. 

Wat doe je, wanneer je leven zo overhoop ligt, je nergens kan aarden, je ook nergens een veilig bestaan kan opbouwen, altijd deels afhankelijk zal zijn van (buitenlandse) organisaties. Nabil lukt het wel door hard te werken op eigen benen te staan, zijn jonge gezin te onderhouden. Weet zelfs een klein vissersbootje aan te schaffen, waarmee hij dagelijks in alle vroegte de Middellandse Zee op gaat. Vis is er altijd, en gegeten moet er ook, dus dat is een redelijk stabiele bron van inkomsten. Zo, én met een toegezegde beurs, kan hij ook enkele van zijn kinderen laten studeren. Want dat ziet hij als dé weg naar een enigszins menswaardig bestaan. Maar dan komt in 1987 de eerste Intifada. De grote volksopstand van het Palestijnse volk tegen het Israëlische leger. Verzet dat veel heviger is dan voorheen, en vooral ook veel massaler. En weer alles ligt overhoop.

Terwijl Nabil zijn levensgeschiedenis uit de doeken doet, loopt hij af en toe zijn winkeltje in om een boek uit een van de rekken te halen. Om daaruit Julien iets voor te lezen, uit te leggen waarom juist deze titel van deze schrijver ooit iets voor hem heeft betekend. Hem tijdens moeilijke momenten steun heeft gegeven. Primo Levi’s Is dit een mens is zo’n titel. En ook, wanneer Nabil later langdurig in de gevangenis belandt omdat hij zijn door een kogel getroffen zoon wilde redden, Solzjenitsyn’s Goelag Archipel en Een verliefde gevangene van Jean Genet. En natuurlijk het boek dat je altijd kan herlezen, Honderd jaar eenzaamheid van Gabriel García Márquez. Literatuur als pleister op een wond die maar niet wil helen. De tweede rode draad in deze roman. Heel mooi gedaan. 

Het enige wat een beetje jammer is aan dit boek is de titel van de Nederlandse uitgave. Benzine gaf de Franse editie de titel L’home qui lisait des livres, in het Nederlands De man die boeken las. Dat is immers de kern van de vertelling. De Nederlandse uitgever koos echter voor De boekhandelaar van Gaza, waarmee het boek voor mijn gevoel een beetje ten onder gaat in de vloedgolf aan boeken met titels als De violist van Auschwitz etc. Het is een keuze vanuit de marketing, dat begrijp ik, maar toch ook een beetje zielloos ….

Rachid Benzine / De boekhandelaar van Gaza / Vertaald uit het Frans L’home qui lisait des livres door Ursula Teijink / 143 blz / Atlas Contact, 2026